Skip to content

‘groepsexpositie van één grillige geest’

De eerste tijdelijke tentoonstelling in het nieuwe Museum Martena in Franeker is meteen een bijzondere geworden. Want de drie exposanten van Dutch Noodles zijn allemaal uitingen van één kunstenaar: Ra van der Hoek. Haar artistieke alter ego’s zijn Philip Ernst (digitaal kunstenaar) en Ande (dichter). Een groepsexpositie van één grillige geest.

Dat Ra van der Hoek (1959) op een oorspronkelijke wijze naar de wereld kijkt, laat haar werk al langer zien. Maar alleen is maar alleen en je loopt toch tegen je eigen beperkingen aan. Om dan met alter ego’s aan te komen klinkt misschien als een gimmick of een goedkoop grapje, maar het pakt hier bijzonder goed uit. Het laat nieuwe kanten van haar zien die ik niet graag had willen missen.  De digitale collages van Philip Ernst zijn interessant en het droge, maar diepzinnige commentaar van Ande weet echt iets toe te voegen. 

Vrijheid en fantasie zijn in ruime mate aanwezig. het zorgt ervoor dat je niet snel uitgekeken raakt. Dutch Noodles werd in 2003 opgericht en de tentoonstelling in de rRdderzaal is ingericht als een noodle-bar. Met kunstenaars als kok. Je krijgt een kijkje in hun keuken. Overal zijn aparte afdelingen, kleine nisjes en aparte smaken. Zo val je van het enen het ander, wat soms verwarrend kan werken omdat het zoveel is.

Toch zijn de grote lijnen wel duidelijk. Er is een wand met schilderijen van Ra van der Hoek, en er hangt een verzameling van haar tekeningen. Ande heeft een muur gevuld met uitspraken en de rest van de ruimte wordt benut door Ernst, met verschillende projecten. Bindend element bij hem is het gebruik van stenen. Dat heeft te maken met iets zien in het alledaagse. 

Ernst laat zich hier kennen als zo’n stiekeme stenenraper, iemand die op verre reizen of op luiertochten in de buurt opeens iets van waarde ontwaart en het meeneemt. Thuis gaan de broekzakken binnenstebuiten. Het weze van een steen wordt onthuld. Want wie goed kijkt van alles ontlenen aan vorm, kleur, beschadiging, verkleuring of vervorming. 

Dat is waar Ernst mee werkt, het associatieve is zijn werkgebied. Hij fotografeert de stenen en bewerkt ze met behulp van een tekenprogramma. Dan wordt het één geheel waarbij het getekende in overeenstemming is met de uitstraling van de steen.

De ‘Thinktanks’ zijn daar een goed voorbeeld van. Verlichte geesten in versteende vorm. Stenen doen dienst als hoofddeksel, bedoeld om een denkstroom op gang te helpen. Onder elke steen is een gezicht getekend, van een mens, dier of wezen. Variaties op hetzelfde thema en toch eigenzinnig genoeg om te blijven boeien. Maar Ande is weinig hoopvol: ‘Ik heb er een hard hoofd in dat de wereld zich iets zal aantrekken van deze steengoede vondsten.’

Het is typerend voor Ande’s humor, zoals ook blijkt uit de bladen die een beetje à la Loesje zijn samengebracht. Daar zitten scherpe analyses tussen, maar ook leuke woordgrapjes. Elke uitspraak heeft een eigen illustratie. Sommige hebben geen beelden nodig, zoals ‘hand in hand verdwijnen generatiekloofjes’. Of ‘ een vuiltje aan de lucht is voor een mug een olifant’ Maar ‘regelgeving komt niet tot bezinning’ krijgt meteen een extra lading als er een pen bij staat. Soms zijn het levenslessen met een knipoog: ‘ De donkere wolk overdrijft altijd’. Ook leuk: ‘ verlies uit het oog nooit je hart’. En: ‘ Onschuldigen zijn daders van niks’.

Ande en Ernst hebben samengewerkt aan de Haigabar. Er zijn etiketten ontworpen voor witte wijn, rode wijn en rosé. In de museumwinkel is een houten kistje te verkrijgen met daarin een fles naar keuze en enkele kunstkaarten van Dutch Noodles. Een opvallen initiatief. Zoals eigenlijk de hele tentoonstelling uitblinkt in creativiteit., uitdagende invalshoeken en humor. 

Ra van der Hoek heeft een paar goede mede-exposanten gevonden. Ben benieuwd wat we nog meer van haar (of hun) gaan horen.

-Susan van den Berg, uit: Dutch Noodles: drie exposanten, één persoon, Leeuwarder Courant, 2006 

 

Back To Top