skip to Main Content
ademtocht | foto | ra van der hoek

niemandsland

Mijn camera is een leermeester. Ik ken geen ander instrument dat zo wonderlijk is. Je kunt er een fractie van een seconde mee isoleren. Een minifractie van de tijd. Een ogenblik dat zo minuscuul is, dat je niet eens in de gaten hebt dat het moment al geplukt is. Ik speur de omgeving af en maak keuzes. Ik kijk, ik voel. Ik gebruik mijn ogen, maar ik ‘kijk’ eigenlijk met iets anders… Ik kies een camera instelling, ik kies een moment. En dan is het gepiept.

Een seconde later is alles weer voorbij. Wat er net nog was is nu weg. En wat er komt is er nog niet. Het stukje niemandsland daar tussenin. Daar ben ik.

Thuis bekijk ik die geïsoleerde micromomenten op mijn beeldscherm. Na een fotosessie zijn dat er honderden. Het kan zijn dat ik alles in een keer delete. Ook de computer heeft een ontspanknop. Maar dan in omgekeerde richting. Weg zijn de gevangen momenten weer. Als vlinders die het vlindernet weer uitvliegen. Ik heb geen mogelijkheid meer ze nog een keer goed te bekijken.

De camera is een constante beoefening. Maak ik vooruitgang?
Ik neem waar. Ik leer, ik struikel, ik huiver, ik ontdek, ik krijg kippenvel. Ik geniet. Een ander deel van mijn hersenen is actief wanneer ik fotografeer. Het oordeel deel staat uit. Een aaneenschakeling van veranderingen staat aan. In het niemandsland, op het niveau waarop de camera zijn geraffineerde rol vervult is geen tijd. Geen vooruitgang.

” Maar wat was tijd eigenlijk? Ik vroeg het me af. Voor het gemak meten we het verstrijken van de tijd met de wijzers van een klok. Maar horen we dat echt zo te doen? Vergleed de tijd werkelijk zo regelmatig in één vaste richting? Koesteren we daarover geen grote misvatting?” Uit: De moord op Commendatore, Haruki Murakami

Back To Top